Basisonderwijs: Doel & opzet

 

COOL5-18

Het cohortonderzoek COOL5-18 (Cohortonderzoek Onderwijsloopbanen van 5 tot 18 jaar) bestaat sinds 2007. In  COOL5-18, dat wordt uitgevoerd in opdracht van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW), gaat het om het verzamelen van gegevens om de ontwikkeling van kinderen tijdens hun schoolloopbanen te kunnen beschrijven en verklaren.

Het ITS te Nijmegen en het Kohnstamm Instituut te Amsterdam voeren al sinds 1994 cohortonderzoek uit. De voorloper van COOL5-18 was PRIMA. Het grootste verschil met PRIMA is dat de leerlingen in COOL5-18 ook in het voortgezet onderwijs en (beperkt) in het MBO (tot 18 jaar) worden gevolgd, waardoor de hele schoolloopbaan van basisonderwijs tot in MBO in kaart wordt gebracht en gezocht kan worden naar factoren die van invloed zijn op de onderwijspositie van leerlingen van verschillende leeftijden en in verschillende onderwijstypen.

ITS en Kohnstamm Instituut behartigen het basisschoolgedeelte van COOL5-18. Het GION en het Cito zijn verantwoordelijk voor het onderzoek in het vervolgonderwijs tot de leeftijd van 18 jaar.

Top^

Doel

Het doel van COOL5-18 is een beeld te krijgen van de ontwikkelingen in het onderwijs in Nederland. In plaats van telkens afzonderlijke onderzoeken naar uiteenlopende aspecten van het onderwijsbeleid worden met COOL5-18 in één onderzoek gegevens verzameld die voor verschillende doeleinden kunnen worden benut. De COOL5-18-gegevens bieden de mogelijkheid om allerlei onderzoeksvragen te beantwoorden, zowel van beleidsmatige, wetenschappelijke als praktijkgerichte aard.
Uiteraard kan in COOL5-18 niet alles uitvoerig worden onderzocht. In aanvulling op de COOL5-18-metingen zullen scholen dan ook incidenteel benaderd worden voor een specifiek onderzoek, bijvoorbeeld in de vorm van een enquête over een op dat moment relevant onderwerp. Dat aanvullende onderzoek kan dan beperkt zijn, omdat de basisgegevens al beschikbaar zijn vanuit COOL5-18.
Net als bij PRIMA zullen ook de COOL5-18-gegevens worden benut voor stand van zaken rapporten en beleidsevaluaties door andere organisaties en instituten. De gezaghebbende rapporten van het Sociaal en Cultureel Planbureau over het minderhedenbeleid, die grotendeels zijn gebaseerd op de cohortgegevens, noemen we hier als voorbeeld. Andere voorbeelden zijn het gebruik van de gegevens in onderzoek van de BOPO (Beleidsgericht Onderzoek Primair Onderwijs), in onderzoek op verzoek van het Ministerie van OCW, de Onderwijsinspectie en de Onderwijsraad en in onderzoek op lokaal niveau, bijvoorbeeld op verzoek van gemeenten.

Top^

Opzet in het basisonderwijs

In het basisschoolgedeelte van COOL5-18 worden om de drie jaar gegevens van circa 550 basisscholen en hun leerlingen in de groepen 2, 5 en 8 verzameld. Er worden bij de leerlingen toetsen afgenomen (of toetsscores opgevraagd) om de cognitieve ontwikkeling in kaart te brengen (rekenen, lezen en taal, met toetsen uit het Cito-Leerlingvolsysteem) en er worden gegevens verzameld om de (psycho)sociale ontwikkeling van leerlingen te volgen. Ook worden er korte vragenlijsten afgenomen bij leerlingen en ouders.
Voor meer informatie over de inhoud van de instrumenten, klik hier.

Van álle leerlingen die bij COOL5-18 zijn betrokken, wordt hun verdere loopbaan gevolgd, ook als ze doubleren of van school veranderen. De meeste leerlingen die in groep 2 of 5 aan COOL5-18 deelnemen, vinden we drie jaar later in groep 5 en 8 terug; de oude groep-8-leerlingen zijn dan doorgestroomd naar het voortgezet onderwijs. In de tussentijd zal een aantal nieuwe leerlingen in de groepen 5 en 8 zijn ingestroomd. Ook die leerlingen nemen we in het onderzoek op; de groepen 5 en 8 blijven dus compleet.
Bij elke meting wordt weer een nieuw cohort (leerjaar 2) aan het onderzoek toegevoegd.

In onderstaand figuur geven de gele blokjes aan in welke schooljaren en in welke groepen/leerjaren de drie COOL-metingen worden uitgevoerd. De blauwe blokjes zijn de tussenjaren.

    '07/'08

1e
meting

'08/'09

 

'09/'10

 

'10/'11

2e
meting

'11/'12

 

'12/'13

 

'13/14

3e
meting

'14/'15

 

 PO groep 1                
  groep 2                
  groep 3                
  groep 4                
  groep 5                
  groep 6                
  groep 7                
  groep 8                
 VO leerjaar 1                
  leerjaar 2                
  leerjaar 3                
  leerjaar 4                
 MBO leerjaar 1                
  leerjaar 2                

Top^

Opbrengsten

COOL5-18 is een basisonderzoek. We vermeldden al eerder dat het gaat om een onderzoek waarin gegevens worden verzameld die voor verschillende doeleinden kunnen worden benut. Het ‘hoofdproduct’ van het cohortonderzoek bestaat daarom uit goed gevulde en goed toegankelijke databestanden.
De resultaten van het cohortonderzoek worden aan allerlei soorten gebruikers gepresenteerd, ook buiten de wereld van het onderzoek. Zo zullen er periodieke rapporten verschijnen, waarin gegevens over de ontwikkeling van leerlingen zijn opgenomen, uitgesplitst naar relevante achtergrondvariabelen, en waar mogelijk in een tijdreeks (vergelijking tussen cohorten). Het doel hiervan is te laten zien wat de meest actuele gegevens uit COOL5-18 zijn. Van deze rapporten zullen ook handzame samenvattingen worden gemaakt voor een breder publiek en voor de scholen. Verder worden diverse artikelen geschreven, zowel voor onderwijsvakbladen als voor wetenschappelijke tijdschriften. Ook zullen resultaten van het onderzoek van tijd tot tijd worden gepresenteerd op conferenties.

In de rubriek Nieuws wordt melding gemaakt van alle nieuwe publicaties. Een aantal daarvan kan worden gedownload. Zie rubriek Publicaties.

Top^

Meerwaarde voor scholen

Voor scholen heeft COOL een duidelijke meerwaarde. Ten eerste biedt COOl de mogelijkheid om de resultaten van de school op de verschillende Cito-toetsen te vergelijken met de gemiddelden van vergelijkbare scholen naar populatie (etniciteit en opleiding van de ouders zijn daarin beide meegenomen). Die vergelijking is alleen binnen COOL mogelijk. Verder wordt binnen COOL ook de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen gemeten en in groep 8 ook nog de burgerschapscompetentie. Scholen krijgen dus niet alleen informatie over hoe hun leerlingen presteren op taal-, lees- en rekentoetsen (en zich daarin ontwikkelen, wanneer de school aan meerdere metingen meedoet), maar ook over onder meer welbevinden, zelfvertrouwen en taakmotivatie van (groepen) leerlingen. Dat is allemaal extra informatie: de meerwaarde van COOL.

Top^

Onderzoek door derden

Het is nadrukkelijk de bedoeling dat de COOL5-18-data veel gebruikt gaan worden door andere onderzoekers, zowel voor beantwoording van beleidsvragen als voor fundamenteel wetenschappelijk onderzoek. Met name voor hen wordt na elke meting een zogenaamd ‘technisch rapport’ opgeleverd. Dit rapport bevat gegevens over de steekproef, de respons, de dataverzameling, de instrumenten, de cleaning van bestanden en de constructie van samengestelde variabelen.

Top^